Bericht

Maandag 7 augustus. Omdat ik vannacht, weer na lange tijd, in mijn hangmat lag werd ik vaak wakker. In mijn hangmat ben ik toch kennelijk niet zo ontspannen dan wanneer ik in mijn tent lig. In mijn tent liggen al mijn spullen ook in mijn tent. Bij mijn hangmat ligt alles, weliswaar afgedekt maar, toch gewoon buiten. Daarbij kan ik in mijn hangmat nooit een perfect ontspannen houding aannemen waardoor ik ook vaker wakker word. Bovendien was het vannacht bloedheet. Ik heb liggen transpireren, niet gewoon meer. Er was geen zuchtje wind en de temperatuur is niet beneden de 25 °C geweest. Dat maakt het doorslapen ook al niet gemakkelijker. Dus of het aan mijn hangmat of aan de temperatuur ligt weet ik nu nog steeds niet. De hangmat is voor mij niet het perfecte en meest favoriete kampeermiddel gebleken, dat staat vast. Ik vaar door naar een eiland Taban voor de lunch na 20 kilometer. Het bevalt me hier bijzonder en ik kijk of ik er zal blijven. M’n DKV Donauführer laat zien dat de TID overnachting’s plek in Rjachovo nog maar een kilometer of vijf verderop ligt. Daar is een restaurant en wellicht kan ik daar ook wat boodschappen doen. Dus ik vaar door en stop voor het restaurant. Een prima plek zo te zien, ik ben er tevreden mee. Een plek voor mijn tent vind ik vast wel. Lekker gegeten, karper. Na het eten zie ik een stel zitten in de bosrand en daaraan vraag ik of er hier in de buurt een supermarkt is. Hij zegt direct, dat er een supermarkt is en dat hij me er wel even naartoe zal rijden  want het is te ver om te lopen en te lastig om uit te leggen. Hij gaat met me naar de supermarkt, adviseert artikelen, vraagt voor me om anti muggenspray en we rijden weer terug. Gewoon vanzelfsprekend hier in Bulgarije, hulpvaardigheid. Als dank bied ik ze wat te drinken aan maar daar willen ze in eerste instantie niet van horen. Dat behoeft toch helemaal niet. Maar ik bleef aandringen en ze gaan overstag. We gaan in het restaurant aan een tafel zitten en neem een biertje. Ondertussen hebben we natuurlijk heel de wereldpolitiek, met Bulgarije in het bijzonder, onder de loep genomen. We zijn er over eens dat Bulgarije nog veel tijd nodig heeft, we denken wel zo’n drie generaties, om orde op zaken te stellen en zich volledig te kunnen aansluiten bij Europa. Voor diegene die werk heeft is de situatie inmiddels al merkbaar beter. Siana en Yavor wonen in Sofia en daar is het economisch klimaat sowieso beter dan in de rest van het land. Toen ze naar het huis van Yavor z’n moeder, waar ze op vakantie zijn, terug moesten hebben we wat gegevens uitgewisseld en wat foto’s genomen waarna het afscheid weer onvermijdelijk volgt. Ik heb nog een toetje genuttigd en een biertje gedronken in het restaurant waren toch inmiddels gezellig druk was geworden. Daarna heb ik mijn tentje opgezet en ben ik even gaan zwemmen om afgekoeld mijn bedje in te kunnen duiken. Toen ik net op bed lag bedacht ik dat ik wel weer heel erg dicht bij het water was gaan staan. Hopelijk komt het vannacht niet te hoog.

Dinsdag 8 augustus. Een aantal keren wakker geschrokken van de golfslag op het strand en tegen de kano. Het was flink gaan waaien maar het waterpeil was gelukkig niet gestegen. Weer vroeg het water op en het leek erop dat de wind wat zou gaan afnemen. Dit was echter maar van heel korte duur want daarna kwam hij gewoon weer in alle hevigheid terug, recht op kop. Het werd weer vechten om vooruit te komen en ik kijk al telkens uit naar een geschikte rustplaats. Juist wanneer je die het hardst nodig hebt vind je ze niet. Allemaal hoge stenen glooiingen. Tot dat ik, net voor Brãslen, een strandje zie waar ik aan land kon. Ik inspecteer de situatie en keur het toch, na een tijdje te hebben gerust, toch af. Het ligt ook te laag om hier te durven overnachten. Daarbij heb ik nog slechts zeven kilometer afgelegd. Geen goede score, besluit ik, en vaar verder. Opnieuw allemaal hoge glooiingen en onmogelijk om er aan land te gaan. De golven en de wind begonnen me te overwinnen. Met veel moeite kon ik nog steeds wel vooruit komen maar daar was ook alles mee gezegd. Het volgende strand wat ik tegen kom is op het eiland Bezimenen. Dat zegt me niet bijzonder veel maar het strand is tevens geschikt om er te overnachten, mocht de wind niet afnemen. Ik heb slechts 15,6 kilometer afgelegd en dat is niet veel. Het is ook pas elf uur. Ruim drie uur gevochten. Ik neem rust, pak wat spullen uit om deze rust wat comfortabeler te maken en ga eten en koffie en thee zetten. Dat doet me altijd goed. Ik hang wat rond, lig wat in de zon, lig wat uit de zon en zo suf ik een beetje de dag door. Tot dat ik ontdekt dat ik over dit Kalimok-Brãslen een blog heb geschreven op 2 april 2017. Toen nog virtueel van wege een “Donautie” die me hier deed belanden op 2375 kilometer (€ 2375,=). Nu dus, en geheel bij toeval, in werkelijkheid hier beland. ​

​Kalimok-Brãslen is een ongekend mooi natuurgebied. Wellicht het mooiste langs de gehele Donau. Lees de betreffende blog er maar eens op na. In het voor- en najaar kun je er ook met de kano doorheen varen. Mijn inspectie van het waterpeil maakt me duidelijk dat ik dit nu niet ga redden met mijn zwaar beladen kano. Bij de ingang loop ik direct al vast en omdat ik, in het begin van mijn Donau Experience in Duitsland, al genoeg met mijn kano achter me aan door de rivier heb lopen slepen, besluit ik niet het risico te nemen omdat hier, met deze hoge temperaturen, nog eens te herhalen. Ook de voet is geen optie. Het is moerasgebied, niet in kaart gebracht en er huizen diverse slangen. Bovendien heb ik niet het geschikte schoeisel (rubber laarzen) om mijn voeten te beschermen. Er schijnt een gids te zijn maar het is voor mij weer lastig om daarmee in contact te komen vanuit “The middle of  nowhere”. Ik bekijk wat ik wel kan bekijken en neem genoegen met de mogelijkheden die ik krijg. De rest van de dag geniet ik van mijn verblijf hier en ben vast wel twintig keer wezen zwemmen om mijn lichaam op een aanvaardbare temperatuur te kunnen houden. De wind ging niet op tijd afnemen dus heb ik hier mijn nachthok maar ingericht. Proviand en water heb ik gelukkig voldoende dus geen nood.

Woensdag 9 augustus. Vandaag ben ik precies vier maanden aan het reizen Stroomafwaarts over de Donau. Het lijkt veel korter. Het is als de dag van gisteren dat ik vanaf Donaueschingen wegvoer. Tijd is een vreemde materie wanneer je er genoeg van neemt. Vier maanden! Toch begint deze dag weer als alle anderen. Ik ga gewoon weer een stukje varen. De wind lijkt wat afgenomen maar dat blijkt opnieuw van korte duur. Er zit kennelijk systeem in. Met de minuut wordt hij weer sterker en groeien de golven. Omdat het waterpeil voor de Kalimok te laag was probeer ik of ik er vanaf de andere zijde van het eiland in kan. Een klein stukje gaat het goed maar dan zit het ook vanaf hier helemaal dicht. Er is geen doorkomen aan. Blij dat ik niet toch vanaf het begin heb geprobeerd. Ik had geheid vastgelopen en terug varen was moeilijk geworden. Nu ben ik tevreden omdat ik echt, ter plaatse, heb vastgesteld dat betreden van de Kalimok, in hoog zomer, onbegonnen werk is. Verder dan maar weer tot een zandbank voor het eiland Radecki. Daar neem ik mijn middagpauze. De wind is weer zo hevig toegenomen dat ik mijn gewonnen geef. Ik zet thee en koffie, eet wat brood met kaas en salami en rust uit. Lekker in en uit de zon, in en uit de wind. Regelmatig zwem ik even om op te frissen. Ook scheer ik me omdat ik er toch tijd genoeg voor heb. Ook dat verfrist. Wanneer ik vermoed dat de wind minder wordt ga ik weer verder. Naar Tutrakan dit keer. Klinkt als Timboektoe, heel ver weg, maar wanneer je er eenmaal bent blijkt het ineens heel erg dichtbij. Daar ga ik eten en heb ik contact met thuis, ik heb zelfs een

Te Koop !
 

stukje van de straat waarin ik liep kunnen laten zien om ze te laten meegenieten. Na het eten ben ik nog een behoorlijk stukje doorgevaren totdat ik een strandje vond, op een eiland, wat behoorlijk horizontaal liep. Jammer dat het er zo vervuild was met slib langs het strand, waardoor ook veel muggen, killers! Lekker, vollemaan beschenen, geslapen maar door een knoop in mijn schouder ook vaak wakker geworden.

Donderdag 10 augustus. Een gaatje moeten repareren in het muskietengaas van mijn binnententje. Leukoplast is hiervoor prima geschikt. Tweezijdig aanbrengen en klaar is Willem. Ook begint de persenning van mijn boot behoorlijke slijtage te vertonen. Daar valt weinig meer aan te repareren, denk ik. Verder varen met af en toe een mooie plek voor een pauze. De Donau wordt, bij tijd en wijle, wel heel erg breed nu. Als was het een tropische verrassing stop ik ineens bij een prachtig hotel restaurant, zomaar alleenstaand, aan de Donauoever. Danube Pearl heet het en het is een pareltje. Er wordt nog druk aan gewerkt en het zal de bedoeling zijn een pleisterplaats van te maken voor de vele luxe cruiseschepen. Er is zelfs een zwembad.

Wanneer ik net aan tafel zit komt er een donaufietser binnenstappen. Hij komt uit Zweden en zijn twee maten komen eraan maar die zijn niet zo snel als hij (69). En inderdaad, een behoorlijke tijd later komen ook de ontbrekende twee opdagen. We delen met z’n allen een tafel en dat is heel gezellig. We eten alsof we in dagen niets meer hebben gehad. We praten aan een stuk door over onze reizen. Ze doen de Donau in zijn geheel maar verdeeld over diverse jaren. Nu staat het traject Sofia ( trein ) tot aan Cernavoda (RU) op het programma en ze zijn dus al een heel eind op weg (nog 120 kilometer tot Cernavoda, twee dagen) en dan weer met de trein naar het vliegveld en terug naar Zweden. Ook een hele organisatie hoor, zo’n trajectplanning. Volgens mij is het veel gemakkelijker om het in één reis te stoppen en dan de Donau aan te houden, zoals ik doe. Zij fietsen meer van de Donau af dan dat ze de rivier kunnen zien. Dat zou voor mij te weinig Donau Experience zijn. Na het eten nemen we weer afscheid, wensen elkaar een hele goede en voorspoedige reis. Een van hen zegt nieuwsgierig te zijn naar mijn boek want dat moet er, volgens hem, beslist komen, zegt hij. Zij rijden naar Silistra voor een hotelovernachting.

Ik ga verder naar Vetren (TID overnachting op 25-08-2017). Daar aangekomen zie ik een aantal caravans die daar kennelijk als vakantieonderkomen dienst doen. Ik vraag of ik hier voor één nacht ook zou mogen kamperen, met mijn tent. Ja natuurlijk, zegt de man en wijst me direct een aantal goede plaatsen aan. Dan vraagt hij: “wil je een biertje?” Ik zeg natuurlijk geen nee want dan blokkeer je meteen de kans op een leuk gesprek. Dus drinken we een biertje, praten, zo goed en zo kwaad als het gaat, wat met elkaar en al gauw komt er een grote witte kartonnen doos op tafel waarop we getallen kunnen schrijven. Blijkt zijn vrouw, juist op deze dag, jarig te zijn, wat leuk! Er is vanavond een klein feestje en zijn dochter, Valentina met man, Dennislav en kind, Daniel komen en die spreken Engels. Ook zijn zuster komt met een vriendin en kinderen. Het werd een heel gezellige avond met eten meer dan in overvloed. Er was werkelijk van alles op tafel gezet. Dat had de vrouw, de jarige Elka, die middag allemaal bereid. Ik had er nauwelijks iets van gemerkt en toch was ze er de hele middag mee bezig geweest. Het werd niet heel laat en om half elf was alles weer rustig geworden en konden we naar bed.

Vrijdag 11 augustus. Vanmorgen was ik al bijna helemaal klaar toen Yslin uit bed kwam. Hij zette onmiddellijk een verse kop Lavazza koffie voor me. Ik had net mijn ontbijt gekookt dus dat viel goed samen. We hebben nog wat gezellig zitten keuvelen en na nog een kop koffie werd het tijd om te vertrekken. Om acht uur moesten ze immers beiden ook weer naar het werk. We namen wat foto’s en wisselden wat gegevens uit. Elka gaf me een compleet pakket met lekkere snoepdingen en fruit mee. Ook Kababci, zoals ik gisteren had gegeten, waren erbij. Het zou een hele smikkeldag worden. Afscheid nemen, na een heel warme ontmoeting, is weer lastig. Zulke vriendelijke en gastvrije mensen verlaat je niet graag. Toch gaat mijn reis verder en ze wensen me veel geluk en vraag me de hartelijke groeten over te brengen aan mijn familie thuis. Verder gaat met je reis, Stroomafwaarts over de Donau. Om van mijn lunchpakket te kunnen genieten stop ik op het eiland Ajdemir, vast gegroeid aan de Roemeense zandplaat die ervoor ligt. Daar doe ik mijn tegoed aan de koekjes, peren, pruimen en perziken en ik geniet ervan. Zonde om het te laten bederven in de hitte van deze dag. Wanneer het te heet voor me word op het zandstrand vaar ik weer verder. Op het water zie ik de overblijfselen van, vermoedelijk, een gezonken schip. Bergen doet men hier kennelijk niet. Dat zal wellicht te veel geld kosten. In Silistra ga ik eerst naar het restaurant van “Hotel Drustar” waar ik, onder het genot van een biertje, een beetje kan bijschrijven. De Donau Experience is gewoon een verkapte vorm van werken, hard werken. Op tijd peddelen, schrijven, blogs maken. Toch weer de dagelijkse routine van een normale werkdag. Maar ik klaag niet hoor, het is heel erg leuk werk. Jammer maar, het is maar een tijdelijke baan met nu al uitzicht op het einde van de job. Vandaag ga ik naar Roemenië, alweer het laatste land van mijn reis. Moldavië en Oekraïne zal ik, gezien de politieke omstandigheden, links laten liggen. Moldavië had ik nog wel willen bezoeken omdat het er weliswaar arm maar ook enorm gastvrij heet te zijn. Toch ben ik zo ook wel tevreden over alles wat ik heb mogen meemaken op deze reis. Heel veel indrukken opgedaan die ik allemaal ook moet verwerken. Het vergt veel concentratie om dit ook allemaal een plekje te geven in je geheugen en ik betrap me er al wel eens op dat ik bepaalde gebeurtenissen door elkaar dreigt te halen. Gelukkig zijn, doormiddel van mijn gps-gemerkte foto’s, de gebeurtenissen wel uit elkaar te houden. Ook mijn gps-track helpt me daarbij. Na deze reis zal ik er best veel werk aan hebben om er een mooie lopend verhaal van te reconstrueren. Dat is echter voor later zorg. Nu eerst genieten van wat Silistra te bieden heeft en uitvinden wat voor toeren ik moet uithalen om me een uitreisdocument te bezorgen voor Bulgarije en wat ik vervolgens moet doen om Roemenië te mogen betreden, bevaren. Ik ben benieuwd. De Bulgaarse douane kost me ruim anderhalf uur. Alles gaat hier nog op een, oud communistische, bureaucratische wijze. Er moet zelfs een “Border Policeman” aan te pas komen die, met een auto vanaf een andere locatie mijn paspoort en Bulgaars document komt ophalen, ergens gaat controleren en keert daarna weer terug om, met mij als getuige,  mijn document van een stempel te voorzien. Ik krijg mijn paspoort terug en mag weer gaan. Naar de Roemeense Border Police op een witte ponton aan de overzijde van de rivier. Omdat ik geen witte ponton zie blijf ik, voor de zekerheid, aan deze kant en vraag bij de ferry aan een douanier daar waar ik naartoe moet. Die schrijft plichtsgetrouw eerst de nodige gegevens over uit mijn paspoort, telefoneert wat en wijst me vervolgens aan waar ik naartoe moet varen. De witte ponton blijkt aan het zicht onttrokken omdat er enige boten aan liggen afgemeerd. Wanneer ik uiteindelijk, na tegenstroom de rivier over te varen, aankom op de gewenste ponton word ik hartelijk ontvangen. Paspoort en document worden aangeleverd en ik krijg zelfs een glas water. Dan moeten er toch weer twee andere beambten worden opgeroepen voor de nodige stempels en een inreisdocument. Ook helpen ze me om geld te wisselen bij een restaurantje, met een alleraardigst en enthousiast hondje, waarbij me duidelijk wordt gemaakt dat de koers, die me voor een kleine € 10,= te weinig oplevert, voordeliger is dan de heen en terugreis met de taxi naar Calerasi. Het zal wel maar, het voelt voor mij of de Roemenen me het eerste kunstje hebben geflikt. Wel realiseer ik me dat ik nu tenminste Roemeense Lei op zak heb en dat geeft toch minder problemen wanneer je eten wil kopen of uit eten wil gaan. Een slechte wisselkoers is daarbij van ondergeschikt belang.

De omschakeling van het Bulgaars, wat een Slavische taal is, naar het Roemeens (een Latijnse taal) vormt voor mij ook een probleem. Net had ik me een aantal Bulgaarse woorden eigen gemaakt en nu moet ik die alweer vergeten. Hier is alles wezenlijk anders. Nazdareve wordt hier Noroc. En daar begint op de Balkan alles mee, Proost!

Na de papieren tijger te zijn gepasseerd vaar ik, met opnieuw tegenwind, door en op advies van de douanier probeer ik een eiland te bereiken, tien kilometer verderop. Dat gaat me echter niet lukken en na nog een bocht in de rivier word het me eigenlijk teveel.

Juist op dat moment vaar ik langs een strand, waar mensen zijn en één ervan wenkt me naar zich toe. Een uitnodiging die ik, zeker op dit moment van zwakte, graag aanneem. Het blijkt dat er op de verhoging, vanaf het water onzichtbaar, een heel ingenieus kamp is ingericht met wel twaalf heel grote tenten, groepsonderkomens, keukens, douche en toiletten. Allemaal zelf in elkaar geknutseld door Andrej met zijn vrienden. Het kamp wordt jaarlijks opgebouwd en staat van mei tot en met september. Het is alleen per boot te bereiken. De rust en de sfeer is er enorm relaxed. Het geluid van de langsvarende schepen zorgt dat je verbonden blijft met de rivier. Momenteel is er een groep van zo’n twaalf mensen (inclusief drie kinderen) en er is normaal gesproken een steeds wisselende samenstelling van mensen die hier ook een tent hebben gebouwd of opgezet. Allemaal behorend tot een grote groep vrienden, kennissen en familieleden. De sfeer is er heel gezellig en iedereen draagt zijn/haar steentje bij aan de taken die zo’n kamp nu eenmaal met zich meebrengt. Als de avond valt eten we gezamenlijk in één van de eetkamer tenten. Er is geweldig goed gekookt en er staat werkelijk een overvloed aan voedsel op de lange tafel. Ook diverse dranken horen daar natuurlijk bij, wijn met mineraalwater, Palinka, bier, het is er gewoon. Er is LED-verlichting op accu’s en er is een aggregaat aanwezig voor noodgevallen die ook gebruikt wordt voor de grote pomp van de waterglijbaan en het besproeien van het terrein tegen het stof in het kamp. Koelen gebeurd in oude vrieskisten waarin aangekochte ijsblokken zijn stukgeslagen. Perfect geregeld allemaal. Ik krijg van Andrej een gastententje aangeboden zodat ik verder niets uit mijn kano behoef te halen. Ik slaap er prima op een gewone huis, tuin en keuken (slaapkamer) matras. De genuttigdde drankjes sturen me er wel een paar maal verplicht uit maar ik kan steeds de slaap weer goed vatten.

Zaterdag 12 augustus. Vanmorgen was ik, op de twee visvrienden uit het kamp na, de eerste die uit de tent was. Ik heb mijn normale dagelijkse ritueel maar afgewerkt want dat is het meest eenvoudig. Nog gemakkelijker was het nu zelfs omdat ik in de keukentent op een normaal gascomfort kon koken. Wat een luxe. Na mijn ontbijt heb ik mijn voorraad medicijnen en koffie uit de kano moeten halen om mijn dagvoorraden aan te vullen. Marien had me gevraagd om wat langer te blijven tot hij terugkwam van zijn werk als orthodox priester in Calerarsi. Dat geeft mij de gelegenheid om mijn kano om te spitten voor een herinrichting van mijn voorraden. Er komen steeds meer mensen naar het kamp, het is nu zaterdag dus het weekend zal nog wel veel drukker worden, verwacht ik. De gehele dag hang ik maar een beetje rond en geniet. Telkens is er wel iemand die me wat te drinken geeft of eten klaarmaakt. Iedereen is bezig met iets. ’s Middags komt het pas goed op gang. Er wordt vis op de barbecue gegrild en er wordt Šorba gemaakt. Dit is een over heerlijke vissoep met verschillende soorten vis, groenten en kruiden. We eten er brood bij en voegen naar smaak polenta en een knoflooksaus toe. Zowel de soep als de gegrilde vis smaakt verrukkelijk. Zo lekker heb ik nog nooit gegeten. En dan ook nog eens met zoveel mensen. Heel gezellig! Ook veel wijn, altijd met mineraalwater en ijsblokken, anders word je alleen maar dronken en dat is niet goed. Daarvoor drink je Palinka. Tussentijds gaat Marien spelevaren met de kinderen. ’s Avonds vind Marien dat we met zijn ​

​speedboot naar Ostrov (RU) moeten gaan voor koffie, bier en gezelligheid.​

​ Ostrov is een dorp wat heel veel armoede kent maar aan de andere kant ook een paar erg rijke wijnboeren huisvest. Het is aardedonker wanneer we terugvaren en zien onderweg vallende sterren omdat die juist in deze paar dagen het meest voorkomen. Het is een genot om in het pikkedonker, met de snelle boot, over de oude Donauarm te varen en tussen de beide eilanden de doorsteek naar de hoofdarm te maken. Op de hoofdarm bevindt zich al snel ons kamp wat gelukkig, door het aanwezige ligt, goed zichtbaar is. Als snel ligt iedereen op bed, moegestreden van de dag.

Zondag 13 augustus. Vannacht heeft een opvliegende hond een tentstok van de luifel van mijn gastententje  omvergelopen. Is me dat schrikken. Gelukkig heb ik goed kunnen slapen de rest van de nacht. Vandaag wil ik weer gaan varen maar wil wel wachten met mijn vertrek totdat iedereen weer wakker is zodat ik op een fatsoenlijke manier afscheid kan nemen van mijn gast- heren en vrouwen. Dat duurt echter best wel lang zoals wachten nu eenmaal altijd lang duurt. Langslapers! Daardoor kan ik dus ook niet vroeg het water op en dat vind ik jammer want dan neemt de wind misschien weer toe . Uiteindelijk heb ik Marien  maar gewekt want ik moest echt weg nu. We hebben afscheid genomen en wat foto’s. Daarna bleek dat ik, toen ik mijn kano helemaal had ingericht, dat de kabel van mijn Solarpaneel naar mijn accu het had begeven. Direct na de connector zat er een breukje in. Omdat dit kamp door Andrej zo volledig geoutilleerd is mag ik van geluk spreken. Er is een aggregaat, een soldeerpistool, soldeertin met pasta en isolatieband. Dit euvel was dus betrouwbaar te repareren al gaf het wat oponthoud. Toen alles in orde was kreeg ik van Solin nog een grote hoeveelheid gebakken vis en brood mee. Marien gaf me nog een grote jerrycan met drinkwater en we hebben, voor nu, definitief afscheid genomen. Het was voor mij een unieke belevenis met zoveel hartelijke en gastvrije mensen bij elkaar.

Het varen gaat lekker want er staat een redelijke stroming en niet al te veel wind. Het is daardoor wel smoorheet. Een speedboot komt langszij en vraagt waar ik vandaan kom. Wanneer ik zeg dat ik uit Holland kom krijg ik een biertje, de man zegt gedag en vertrekt weer. Ik geniet van het koude biertje en vaar verder. Op een strandje stop ik voor de lunch en een middag dutje, even lekker bijkomen. Mijn pruimen in peren gaan op. Ik eet een deel van de vis in het brood wat ik van Solin heb meegekregen. Heerlijk allemaal, een complete lunch. Wanneer ik weer wakker word is de lucht zich met wolken aan het vullen. Dit zal een fikse bui worden schat ik in. Ik peddel net zo lang door als mogelijk en ik vind, juist op tijd, een mooi vlak stukje gras voor mijn overnachting. Hier krijg ik, net nadat ik volledig ben ingericht, een enorm heftige regen- en onweersbui over me heen. In mijn tent is het warm en ik wordt dan wel niet nat van de regen maar van mijn transpiratie. Gelukkig is mijn onderkomen comfortabel en ruim genoeg om thee en koffie te kunnen zetten. Eten koken doe ik nu niet. Ik heb voldoende vis die ik zo, koud, kan eten. Een beetje jammer dat ik er niet wat wijn bij heb om te drinken want dat zou zeker smaken. De bui gaat ondertussen in alle hevigheid door en ik ben benieuwd hoe lang het gaat duren. Ik val toch al snel in slaap.

Maandag 14 augustus. Het heeft de gehele nacht geregend en het regent nog een beetje. Desalnietemin goed geslapen. Ik ben nog niet tevreden over de conditie van mijn accu. Hij lijkt wel stuk. Te diep ontladen geweest misschien?  Wanneer ik de accu niet heb kan ik ook mijn telefoon, camera en gps niet opladen en ben ik daarvoor afhankelijk van een stopcontact ergens bij iemand of in een restaurant. Dat geeft me natuurlijk een enorme beperking. Laden in het vrije veld is veel efficiënter. M’n InReach wil zich wel direct door het Solarpaneel laten opladen dus die blijft in ieder geval op de been, zolang de zon schijnt, gelukkig. Zo heb ik in ieder geval nog steeds de mogelijkheid voor contact en een gps-kaart ter beschikking. Ik ga varen en zet de accu, zoals gewoonlijk, onder lading. Misschien wordt het toch nog wat. Het weer is omgeslagen en nu. voor hier, gewoon slecht. Het is droog maar daar is alles mee gezegd. Er staat een gemeen harde wind die soms van verschillende kanten tegelijk lijkt te komen. Ik vecht er dapper tegenin al is het met moeite. Voor de lunch stop ik op een strandje en eet de rest van de voorraad gebakken vis en brood. Daarna een middagdutje en weer verder vechten. Het is daardoor een minder leuke dag dan anders en ik besluit door te varen naar Cernavoda (zwart water). Die naam is niet voor niets gegeven, vind ik. Ik baal wanneer ik zie dat de stad voor een kanoïst zo lastig te bereiken is, ik maak een foto van een klein stukje van de 15 kilometer lange brug, en vaar teleurgesteld verder. Terwijl het passeren van de brug, op nog maar 300 kilometer van m’n einddoel, toch eigenlijk een feestje zou moeten zijn. Zo voelt het nu niet ik ben moe en moet kennelijk toch verder. Gelukkig zie ik na drie kilometer al een mooie plek om te overnachten. Ik maak mijn tent in orde een pak, voor de zekerheid, mijn Eneloop batterijen uit m’n aluminium kist zodat ik daarmee mijn gps in leven kan houden. Het lijkt of mijn accu niet helemaal door de knieën is gegaan en dat ik er met een beetje zon en aandacht toch nog wat leven in krijg. Ik hoop het want een nieuwe accu kopen zal hier ook wel niet erg eenvoudig zijn, verwacht ik. Mijn telefoon heb ik er nu alweer een stukje mee opgeladen. Al dit extra gepieker en getob maakt dit een beetje tot de nare dag. Misschien heb ik het ook al die tijd wel veel te goed gehad. Een volgend probleem, waar ik helemaal niets aan kan verhelpen, is de voortdurende harde tegenwind. Je spieren raken er oververmoeid van en er is niet zo heel veel gelegenheid om te recupereren. Daarom zijn mijn dagafstanden behoorlijk geslonken terwijl de TID dagafstanden er sowieso al niet inzaten voor mij. Na de nacht zal het allemaal wel beter gaan.

Dinsdag 15 augustus. Lekker geslapen en mijn batterij van mijn telefoon is opgeladen. Direct mijn gps onder lading gelegd en tegen de tijd dat ik heb opgeruimd heb ik al 28% lading. Dat belooft een succesje. Voldaan en enigszins tevreden vaar ik weg. Over de wind ben ik minder te spreken, die is nog steeds heftig en tegen me. Ik steek de rivier over om zoveel mogelijk voordeel te hebben van de luwte van de bomen. Toen ik daar op mijn gps de juiste route wilde checken bleek mijn bril zoek. Direct flitste door me heen wat er gebeurt moest zijn en ik wist ook precies waar de bril was gevallen want mijn zonnebril had ik er wel opgeraapt. Terug naar de overkant maar weer, Dan lopen naar de steen waaraan de kano had vastgelegen en daar lag inderdaad mijn leesbril. Gelukkig. Weer een 1,5 km teruglopen naar de kano en opnieuw naar de overzijde van de rivier. Toen was ik al gesloopt maar ik heb doorgezet en ben gevaren tot aan Seimeni. Daar was een vriendelijke meneer aan het paarden drijven langs het strand. Hij wist dat er een winkeltje was in het centrum. Dit heb ik nog gevonden ook en met behulp van een jongen die een beetje Engels sprak heb ik wat boodschappen kunnen kopen. Terug naar de kano maar weer. Daar de twee koeken met kaas opgegeten en een biertje genuttigd (Bergenbier). Aan de overkant was een zandstrand wat er aantrekkelijk uit zag en daar ben ik een kijkje gaan nemen voor een mogelijke overnachtingslocatie. Toen ik daar eenmaal was bleek het zwaar vervuild en totaal onaantrekkelijk voor mij. Ik besloot door te varen in de luwte zolang het te doen was. Toen de rivier bij Dunarea een grote bocht naar links maakte was het uit met de pret. Het gezicht van de rivier veranderde. Keiharde wind, de rivier stond in zijn hemd zoals dat heet, recht op kop nu. Gelukkig was er een gelegenheid voor een overnachting en de zon scheen inmiddels heftig. Een kamp is zo opgebouwd en toen ik even lekker in de zon zat bij te komen werd het me zelfs te heet. In de schaduw werd ik geplaagd door vliegen en daarom was mijn tentje de enig resterende mogelijkheid om rust te vinden. Binnen alles op orde gebracht en op mijn bedje gaan liggen, warm maar wel relaxed. De gps aan de lader en kijken of ik hem vol krijg (nu al 34%). De laatste loodjes wegen het zwaarst wordt wel beweerd maar voor mij hoeven, in dit laatste stuk van de reis, problemen met technische spullenboel niet zo nodig. Dit traject zou ik graag ten volle besteden aan de natuurbeleving. Maar ja, je moet het maar nemen zoals het komt, je kunt er toch niets aan verhelpen dat zulke dingen gebeuren of stuk gaan. Lekker lui liggend in mijn tentje ga ik me wat bijschrijven. Niets in de gaten van wat er buiten gebeurd . Er klinkt harde feest muziek vanaf de overzijde van de rivier waar Dunarea is. Er schoof kennelijk een wolkje voor de zon. Ineens begint te plenzen en ik moet als de wiedeweerga mijn regendak over mijn binnententje gaan gooien. Is me dat schrikken en koud. Ik word tot op mijn huid toe nat, wat geen wonder is want ik heb ook niets aan. Bliksemsnel ga ik te werk en het is dan ook als in een flits gedaan. Binnen even afdrogen en het leed is weer geleden. Van al die inspanning krijg je trek en gelukkig heb ik vanmorgen een zakje pinda’s gekocht. Even lekker wat knabbelen terwijl ik doorschrijf. Na een klein poosje stopt de regen al. Toch is het weer nog niet op orde. Afwachten nog maar. Lekker gekookt, risotto, champignon, kip. Thee erbij en een koffie toe. Via InReach maak ik nog even contact met thuis omdat ik op mijn mobiele telefoon “geen service” heb. Desondanks wil ik laten weten dat het goed gaat met me. Daarna ga ik plat voor de nacht. Onweer, regen en vooral veel wind vergezellen me vannacht opnieuw.

Woensdag 16 augustus. Vanmorgen is het gelukkig droog. De windstille nacht, na de bui, heeft zich teruggetrokken en de wind neemt alweer toe. Eer ik goed en wel het water op kan blaast hij weer als gisteren. Ik zoek de, op het oog, meest gunstige kant van de rivier op en peddel, alsof er niets aan de hand is, gewoon door. Alleen gaat het steeds langzamer. Zolang ik echter vooruitkom is er niets aan de hand. Na zo’n 6,5 kilometer word ik naar de kant geroepen door een aardige hobbyvisser, Dorel (Constantin), voor een koffie. Zulke verzoeken sla ik, degene die me kennen weten dit, nooit af. Je weet nooit wat er uit voortkomt. Wel, de koffie begon met het voorstellen van zijn vrouw, Valentina. Daarna komt de Palinka op tafel, vergezeld van diverse lekkere hapjes, ui, paprika, tomaat, spek, worst, kaas en wat ik misschien nog vergeten mocht zijn. Ook brood was er natuurlijk en pas daarna kwam de koffie. Koffie heeft altijd wat tijd en aandacht nodig. Ondertussen praten we aan een stuk door. Na de koffie bezoeken Dorel en ik samen de archeologische opgravingen die hier vlakbij worden gedaan, Capidava, een oude Dacische stad in Scynthia Minor (tegenwoordig Roemenië). Doordat wij op het terrein door twee bewakers worden opgemerkt worden we er ook direct weer weggestuurd. Toch hebben we er even lekker kunnen rondneuzen. De opgravingen zijn in volle gang en er zijn een heleboel mensen met grote schoppen aan het werk. In de hele omgeving zijn allerlei potscherven en dergelijke stukken van gebruiksvoorwerpen te vinden. Men gaat er dus niet heel erg zorgvuldig om met wat er uit de grond komt en wat er blijft zitten of weggegooid wordt.  We vertrekken er weer en wanneer we bij de tent aankomen is 
Valentina een deeg aan het bereiden voor de Gogośi, een lekkernij die, in olie gefrituurd wordt. Dit kan met poedersuiker of jam maar ook met kaas worden gegeten. Het smaakt zelfs superlekker bij het eten van watermeloen. Ik volg de gehele bereiding en het eten ervan natuurlijk ook. Heerlijk, vergezeld van, natuurlijk, Palinka. Palinka is trouwens oorspronkelijk afkomstig uit Hongarije. De hele dag is men, ook hier, bezig met het bereiden of nuttigen van eten. Het belangrijkste onderdeel van de dag. Daaromheen wordt aandacht besteed aan het onderhouden van het vuur, het vangen van vis (wanneer succesvol) en het gezellig samen kletsen. De wind trekt, met tussenpozen. nog sterker aan en ik besluit te vragen of ik hier mag blijven omdat tegenwind peddelen me niet bevalt en het is hier fijn. Morgen wordt er beter weer verwacht. Dan kan ik mogelijk wel weer het water op en verder varen. Vandaag geniet ik weer op een andere manier van mijn gastvrije gezelschap. ‘sMiddags is het alweer tijd voor Šorba, de lekkere vissoep, een middagdutje en daarna alweer eten. ’s Avonds nog een beetje genieten van de zonsondergang en dan alweer naar bed.

Een dag doorbrengen in eenvoud is zo eenvoudig.

Door de muggen, die hier Zinzar worden genoemd, worden we naar bed gejaagd. Het was weer een heerlijke dag.

Donderdag 17 augustus. Vandaag weer varen. Het ziet er hoopvol uit. Afscheid nemen is, zoals altijd, weer moeilijk. Valentina en Dorel hebben dan ook zo goed voor me gezorgd. Een klein detail, wat ik tot nu toe was vergeten, Dorel werkt bij Hornbach in Boekarest, “Altijd wat te doen!”

We nemen nog wat foto’s over en weer en ik vaar weg.

Al snel blijkt er toch weer meer kopwind dan vanaf de wal te beoordelen was. Vervelend nu want ik had op minder gerekend. Dan rust ik toch gewoon een keer extra. Van Valentina en Dorel krijg ik een lunchpakket mee met Gogoši en geitenkaas dus honger zal ik niet hebben. Mijn eerste lunch is op een strandje waar men aan het zand oogsten is. Wat men vervolgens met het zand gaat doen is mij niet bekend. Ik eet er wat en doe een dutje. Dan weer verder vechten tegen de wind en tegen mezelf. In Ghindaresti besluit ik nogmaals te pauzeren. Ik ben helemaal op. Na het eten ga ik er eens lekker voor liggen en slaap een uurtje. Helemaal warm, ik lig inmiddels niet meer in de schaduw van de boom, word ik wakker. Mijn kano is er nog, reageer ik stom. Vanaf de uitstekende rots in Ghindaresti springen jongens in het water. Het wordt ze al jong geleerd. Ik ga opgefrist door naar Hârșova waar ik langs een Deens jacht afmeer.

De dame, de heer laat zich niet zien, begint een leuk gesprek met me. Zij varen dit jaar, na vorig jaar de heenreis te hebben voltooid, de terugreis, de Donau op. Naar welke plaats weten ze nog niet.  Op 1 oktober moeten ze weer thuis zijn, is hun enige planning.

Ik vaar, via een kleine grot, door naar de TID kampeerplaats, denk ik, maar het wordt een eiland waar een vissende familie en vrienden aanwezig zijn. Ik vraag of ik hier ook mag staan vannacht. Natuurlijk mag dat. Mijn tent is snel opgezet en ingericht. Daarna komen ook hun vrouwen, te voet via een doorwaadbare plaats, naar het eiland. Als snel word ik uitgenodigd om deel te nemen aan het gezelschap. De gastvrijheid onder de jonge Roemeense bevolking blijkt ook groot en onbaatzuchtig. Er wordt een barbecue aangericht en ik mag mee eten en drinken zoveel ik wil. En dat is lekker, o zo lekker. Verschillende stukken varkensvlees en kip, de voornaamste vleessoorten in Roemenië en een heerlijke salade van tomaten, komkommer, lenteui en nog wat kruiden. Wanneer het bijna donker is moeten ze terug naar het vaste land, waar hun auto staat, want ze moeten de oversteek te voet, op de doorwaadbare plaats,  maken. Ze laten me een complete maaltijd met vlees, salade en brood achter op een bord met nog een fles appelsap. Voor mijn ontbijt morgenochtend, zeggen ze. We nemen afscheid en zij stappen het duister in. Ik blijf nog wat bij het resterende vuur nagenieten en realiseer me dat ik ben vergeten foto’s van deze groep aardige mensen en deze avond te maken. Wat stom van me toch weer, maar het was ook zo gezellig. Ik ruim op, maak het vuur uit met veel water en ga naar mijn bedje waar ik, voordat ik het zelf besef, voldaan in slaap val.

Vrijdag 18 augustus. Vanmorgen heb ik dus genoten van een keizerlijk ontbijt. Natuurlijk realiseer ik me dat niet iedereen dit ’s morgens om half zeven door de strot zou krijgen, maar ik ken op dit gebied geen problemen. Heel erg smakelijk ontbeten met natuurlijk een kop thee want die kan ik dan weer niet missen. Omdat ik hier, net onder de stad Hârșova, goed bereik heb op mijn mobiele telefoon besluit ik te proberen om een stuk aan mijn blog toe te voegen. Dat kost veel tijd maar wat is de tijd nu eenmaal. Het is gewoon iets waarvan je neemt zoveel je nodig hebt. Dus ik zet mezelf een verse kop koffie en ga aan de slag.

10 comments

  1. Ben het eens met de Zweedse Donaufietser die zegt:” nieuwsgierig te zijn naar jouw boek dat er beslist moet komen” . Je beleeft zulke mooie avonturen, je ontmoet zoveel behulpzame mensen, je maakt mooie foto’s van de reis en kan goed schrijven, een boek over deze Donau experience is zeker de moeite waard en zal andere mensen inspireren!

    Liked by 1 persoon

  2. Ha die Willem,

    Fantastische belevenissen worden afgewisseld met tegenslagen. Hopelijk blijft het positieve voor jou toch een drijfveer om door te gaan. Zo te lezen wel!
    De mensen zijn bijna allemaal zo gastvrij. Doen wij Nederlanders het wat dat betreft dan zo verkeerd? Dat zou je wel denken, maar volgens mij zijn we hier terecht wat terughoudender door de vele onprettige ervaringen.
    Wellicht lenen de omstandigheden zich ook niet voor meer begrip.
    Esther en ik wensen je weer een behouden vaart en een veilig thuiskomen.

    Liked by 1 persoon

  3. Hallo Willem,

    wieder einmal mehr habe ich mit Begeisterung Deine Erlebnisse verfolgt (so gut es mit Google translater eben geht). Wieder Deine tollen Bilder von der Landschaft, den Menschen und vor allem dem leckeren Essen genossen. Es ist doch immer wieder schön, wie viele nette und gastfreundliche Menschen Du triffst.

    Ich wünsche Dir viel Spaß und Erfolg für den Rest Deiner Reise.

    Uwe

    P.S. Ich warte jetzt schon wieder auf Deine nächsten Erlebnisse!

    Liked by 1 persoon

  4. Hoi Willem, weer goed om te lezen dat het allemaal voorspoedig verloopt, op de tegen wind na dan! Maar ja, je moet ook de nodige calorieën verbranden met al dat lekkere eten langs de Donau. Wel een zeer aangename kennismaking zo met al die bewoners langs de kant! Op naar de eindstreep!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s