Stroomopwaarts 

Vrijdag 1 september. Vanmorgen was ik natuurlijk als eerste wakker. Pelikanen zwommen rond aan de overzijde van de Donau. Lekker een ontbijtje gemaakt, brood met worst en kaas omdat ik dat toch nog in voorraad had. Water in plaats van thee omdat ik een schema van de bemanning niet kende en het is voor mij lekker gemakkelijk en snel. Inmiddels stonden ook de toekomstige passagiers al te trappelen van ongeduld op de steiger. Toen die eenmaal binnen kwamen hollen bleek iedereen op de achterste bank, bij mijn kano, te willen zitten. Omdat ik daar ook wilde zitten heb ik snel een plaats bezet. Het waren gelukkig allemaal heel aardige mensen en heel geïnteresseerd in die rare man met die kano. Toen we van start gingen bulderde en trilde de hele boot. Ook ging er een rilling door mij heen. Emotie, de terugreis begint. De gehele trip naar Mahmudia hebben we zitten babbelen, heel gezellig en de tijd vloog om. Er bleek onderweg weer een flinke natuurbrand te zijn ontstaan waarop ik natuurlijk weer onbedaarlijk moest hoesten. Gelukkig vaart de catamaran zo’n ​

​30-35 km/h en waren we er snel voorbij.

In Mahmudia aangekomen moesten al mijn spullen ook weer snel van boord en in een zucht stonden mijn spulletjes, met hulp van de bemanning, op het ponton en vertrokken zij alweer. Daar stond ik dan, moederziel alleen met mijn hele huisraad uitgespreid over het ponton, de kano er schuin tussen in. Nu ben je in Roemenië, behalve op het strand van Sacalinu, nooit alleen, en altijd zijn er hulpvaardige handen die je maar al te graag willen helpen. Zo ook nu. Ik heb zelf eerst al mijn bagage vanaf het ponton, naar boven, naar de vaste wal gebracht. Toen ik daarmee klaar was stond er al een sterke jonge vent gereed om samen met mij de kano naar boven te brengen. Zo gebeurd! Ik bedankte hem hartelijk en gaf hem een compliment voor zijn kracht. Dat deed hem goed en hij ging met een brede glimlach weer aan de slag met zijn bezigheden. Boven op de kade heb ik nog eens rustig bedacht hoe ik het nu allemaal wilde in- en aanpakken. Toen ik de kano op de bootswagen had en geladen kwam er een andere man, die op het ponton aan het vissen was geweest, me helpen om naar hotel “Mon Jardin” te rijden. Het duurde even eer hij begreep dat mijn bootswagen niet over stoepranden, dikke staalkabels en door putten en over bulten moest rijden omdat hij daarvoor te zwaar beladen was en ik bang was dat hij nu stuk zou gaan. Dat zou nu echt een mega probleem opleveren. Maar we hebben de circa 550 meter naar het hotel heelhuids mogen halen. Bij het hotel kwam direct de receptioniste naar buiten om over onze plannen te praten. Niet heel vaak komen er daar twee kerels een kano voor hun entree parkeren. Het hotel, waar ook mijn duitse Ulmer Ruder-Club vrienden hebben gereserveerd, bleek volledig te zijn volgeboekt. Vanaf 3 september zou wel weer gaan maar zij adviseerde mij om bij het hotel “Casa Teo”, zo’n 300 meter terug, te gaan informeren, misschien was daar wat vrij. Dus wij weer, met kano en al, zo’n 300 meter teruggelopen naar “Casa Teo”. Ook daar gaf de receptioniste in eerste instantie aan geheel volgeboekt te zijn. Doordat echter mijn Roemeense vriend en helper bleef aandringen ging ze toch maar eens op onderzoek in het systeem. Nog meer aandringen en aansporingen door mijn helper heeft geholpen. Ze vond een kamer vrij maar dan moest ze me morgen wel overplaatsen. Geen probleem al moet je me elke dag overplaatsen, zei ik snel. Ze ging met mijn boeking aan de gang en ik moest een formulier invullen. Geregeld! Mijn Roemeense helper ging, al in feeststemming, met zijn inmiddels ook gearriveerde maatje, aan het bier terwijl ik alle formaliteiten vervulde. Buiten gekomen hebben we de kano op de toegewezen plaats in de voortuin geparkeerd en hebben we gedrieën nog een paar biertjes gedronken. Nu wist de ober ook gelijk wie ik was en hij sprak me voortaan aan met: “my friend”. Dat is dan ook maar geregeld. De maat van mijn helper, die aan het Litcov kanaal woont (en ik weet nog precies waar ook) vertrok met zijn boot naar huis. Mijn helper, betaalde de drankjes en ging weer terug naar zijn visspullen op het ponton. Ik kreeg van de receptioniste te horen dat ik mijn sleutel kon omruilen voor de sleutel met kamernummer 35 waar ik dan mijn gehele verblijf kon blijven wonen. Prettig geregeld, dankzij mijn Roemeense vriend.

Dus ik naar kamer 35 op onderzoek. Prima kamer, airco, tv, minibar, prettige badkamer met douche, hier houd ik het wel een tijdje uit.

Dan gaan de remmen los. Deur op slot, kleren uit, douchen, scheren, in de schone kleren, hoera! Ik ben weer bij de mensen. Daar knap je enorm van op en ik heb het gelijk thuis laten weten, foto’s verzonden en lekker gebabbeld. Toeval bestaat niet maar, soms ga je twijfelen.

Hoe leuk is het dat er nu net “toevallig”, op mijn kamer van het hotel hier in Mahmudia, een ingelijste foto hangt van de bron van de Donau in Donaueschingen, die ik samen met Irma en John, op 8 april heb bezocht toen ik vertrok voor mijn Donau Experience.

Omdat ik mijn blog nog niet af heb kunnen maken maakte ik een melding van mijn vorderingen op Facebook. Daar werd ontzettend enthousiast op gereageerd en dat is altijd hartverwarmend. Ook bij de Maag Lever Darmstichting waren ze trots op mijn prestatie en velen wenste me een voorspoedige thuisreis. Overigens gaat het mij nog steeds niet om de prestatie maar om het beleven van mijn droom, Stroomafwaarts over de Donau.

De dag vliegt voorbij en wanneer ik ’s middags in het hotelrestaurant ga eten word ik bediend als een vorst. Omdat ik kennelijk het verkeerde visgerecht geserveerd heb gekregen werd er nogmaals opgediend met de juiste vis volgens de ober zijn advies: karper in een zoetzure saus met tomaten en polenta. Ik barstte al bijna uit elkaar maar dit was zo lekker dat ik het ook helemaal heb opgegeten. Daarna bleek er zelfs nog ruimte voor een over heerlijke tiramisu. Ik moest toen wel mijn kamer opzoeken want deze maaltijd verdiende een siësta.

Er bleek een dakterras op de tweede verdieping, waar ook mijn kamer was.

Kano in de voortuin
 

Het terras was bedoeld voor de rokers waar ik wat foto’s van het uitzicht heb gemaakt. 

Tevens heb ik me wat bijgeschreven en aan mijn blog gewerkt wat me, zoals je inmiddels weet, heel veel tijd kost. Ik ging daardoor ook veel later slapen dan gebruikelijk maar het was het dubbel en dwars waard.

Zaterdag 2 september. Op tijd weer wakker maar nu omdat er een nieuwsgierige spanning is ontstaan over de aankomende dagen. Nieuwsgierig ook naar de hernieuwende ontmoeting met Connie en Helmut en onze verhalen die we elkaar te vertellen hebben. Ongeduld ook een beetje want nu de klus geklaard is wil ik naar huis. Lekker gedoucht weer, wat een luxe. Daarna mijn favoriete kledingstukken gewassen. Die wil ik niet vuil mee terug nemen en misschien zelfs nog wel dragen. Nu had ik hiervoor een mooie gelegenheid. Ook heb ik alle bederfelijke waren uit mijn kano gehaald en weggegooid of in de minibar, gekoeld bewaard. Mijn klamme slaapzak onderdelen in de zon gehangen op het dakterras en mijn vochtige handdoeken in mijn kamer om te drogen zodat ik ze definitief kan opbergen voor de terugreis . Een wandeling door Mahmudia levert me niet veel nieuws op. Het is een onbelangrijk dorp met weinig interessants of vertier en wanneer ik de inwoners vraag wat ik moet gaan zien in Mahmudia dan zeggen ze: “niks eigenlijk! Je zou een excursie kunnen doen met een boot en de kanalen verkennen.” Toch heeft Mahmudia iets want er zijn een aantal belangrijke hotels en ook veel pensions. Het dorp trekt toeristen aan. Het is mij niet bekend waarom. Ook het zoeken op internet heeft me geen reden opgeleverd waarom juist Mahmudia zoveel toeristen trekt. Misschien omdat het de laatste redelijk grote plaats is die nog met de auto te bereiken is. Daarna heb ik op een soort van recreatieveldje aan de oever van de Donau, op een bankje, uit verveling, een uitje geknapt. Het is ook wel een hele omschakeling, van elke dag peddelen en op pad zijn naar helemaal niets doen. Zo gaan deze dagen langer duren dan mijn gehele Donau Experience. Mijn schouder blessure maakte me op tijd wakker om een hapje te gaan eten. Een lekkere kippensoep met een stuk kippenpoot erin en een heerlijke Bulgaarse salade, weggewassen met een biertje, Silva donker dit keer. Lekker volrond van smaak. Eigenlijk zat ik nog vol van gisteren en na het eten van nu helemaal. Ik ben mijn droge spullen gaan binnenhalen en inpakken. Klaar voor transport. Mijn gewassen kleding heb ik ook nog even naar buiten gedaan om te drogen. Ideaal zo’n dakterras. Casa Teo is een vier sterren hotel en ze zijn elke ster dubbel en dwars waard. Een prima locatie. Na al die inspanning heb ik me maar weer in de siësta-mode gelegd. Wat word ik hier lui van.

’s Avonds, om een uur of acht, ga ik een paar biertjes drinken op het dakterras van het restaurant. Het is daar lekker nu en ik heb er weer contact met thuis. Ook dat is altijd een leuke bezigheid. Toch ga ik ook weer bijtijds naar bed. Ik wil dit dagritme nog wat langer vasthouden.

Zondag 3 september. Opnieuw ben ik er weer vroeg uit. Mijn schouderblessure blijft me hinderen. Veel te vroeg ga ik, voor het ontbijt, naar het restaurant maar, dat gaat pas om 8.00 uur open, dus maak ik eerst een ochtendwandeling. Daarbij heb ik gelijk contact met Connie en Helmut die vandaag naar hier onderweg gaan. Ik kan bijna niet wachten ze weer te zien. Leuk! Ze slaagden er niet in vroeger in te checken in Mon Jardin waar ze vanaf vier september hebben gereserveerd. Ook mijn hotel is compleet volgeboekt. We besluiten dat ze voor één nacht wel op het strand onder een 
afdak kunnen kamperen en dat we bij mij in het hotel wat regelen voor douchen en zo. We zien het wel.

Toen ik in het restaurant aan het ontbijt ging was ik verrast over het uitgebreid buffet wat er was aangericht. Allemaal dingen die ik heel lekker vind ook nog. Ik kan in Roemenië, zeker voor wat het eten betreft, heel goed aarden. Jammer dat de taal zo lastig aan te leren valt. Volgegeten ga ik weer naar mijn gekoelde kamer waar het goed toeven is. Natuurlijk blijf ik daar niet de gehele dag hangen maar ga buiten wel een wandeling maken of zo. De bootexcursie die ik heb aangevraagd blijkt niet door te gaan omdat er geen groep is waarmee ik kan boeken. Voor mij alleen boek ik niet want dat vind ik veel te veel geld voor drie uurtjes varen. Zojuist ben ik nog even naar een winkeltje gegaan voor een aantal blikjes bier en een paar liter drinkwater voor in m’n minibar. Lekker koel drinken moet je altijd voorhanden hebben, vind ik. Connie in Helmut hebben inmiddels aangegeven dat de wind zoveel in kracht is toegenomen dat ze niet naar hier kunnen varen. Ze wachten af of blijven nog daar. Je moet het maar nemen zoals het komt.

Om een uur of drie ga ik naar het restaurant omdat ik daar lekker op het dakterras kan zitten met een biertje natuurlijk want dan heb je een excuus voor je verblijf daar. Daarna bestel ik mijn eten en dat was weer heel smakelijk. Een traditionele pannenkoek, flinterdun met pompoen maakte deze maaltijd af en heel compleet. Daarna babbel ik nog wat met mijn ober, George, en we hebben er lol in. Ook Christian, een andere ober, voegt zich bij ons en ze bekijken een deel van mijn foto’s en ik leg het verhaal erachter uit. Tegen half zeven moeten ze weer aan het werk. Ik reken af en ga weer naar mijn kamer. Onderweg zie ik dat het kleine huiskatje van het hotel haar stekkie heeft gevonden op mijn kano. Ook is de wind erg toegenomen en staat de hele rivier weer in zijn hemd. ​

​Golven van ongeveer 80 cm met mooie schuimkoppen er op. Hopelijk is de wind morgen tot bedaren gekomen en kunnen Connie een Helmut hierheen komen varen. Vanavond blijf ik lekker lui op mijn gekoelde kamer en dan val je vanzelf een keer in slaap.

Maandag 4 september. Weer vroeg wakker maar me rustig gehouden want het ontbijt is pas om half negen. Voordat ik ging douchen nog een paar rek- en strekoefeningen gedaan zodat mijn schouders niet vast komen te zitten. Het zweet weer weggedoucht en dan ben ik weer klaar voor de aanval op de dag, al is de dag dan nog niet gereed voor mij. Het ontbijt blijkt nu geen buffet maar een keuze uit vier varianten. Variant drie is het voor mij geworden. Gewoon lekker en genoeg. Daarna droog ik nog wat spullen die in mijn boot nog klam waren gebleven. Ook spreek ik nog een hotelgast, Vic, die op het punt staat weer te vertrekken. Hij wilde toegang tot mijn blog dus dat hebben we geregeld. Toen we daar stonden te praten, voor het hotel, reed er een vrachtwagen langs waarvan ik dacht dat deze misschien wel van onze expediteur zou kunnen zijn. Hij stopte echter niet bij Hotel Mon Jardin dus zal het wel niet. Het weer is vandaag redelijk en de wind is niet heel sterk, vanuit het westen. Conny in Helmut zullen dus vandaag wel aankomen. Met spanning zie ik naar hun komst uit. 

4 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s