Mahmudia

Maandag 4 september [vervolg]. Met mijn verrekijker ben ik op een bankje aan de oever gaan zitten toen er steeds meer TID kajakkers langs kwamen peddelen. Connie en Helmut vertrekken altijd wat later omdat ze toch sneller zijn, hoorde ik van een kajakker. In de middag krijg ik ze in de kijker, twee neon geel/groene shirts dragen ze, zo hadden ze me in Ulm al verteld.

Het weerzien was geweldig. We hebben hun 7,20 meter lange boot met behulp van vier gemeentewerkers, die daar aan de oeverversieringen aan het werk waren, op de parkeerplaats en de bagage in de hotelkamer van hotel Mon Jardin gebracht. Naar een verkwikkende douche en andere kleren stonden er opeens twee totaal andere mensen voor me. Helemaal opgefrist gingen we naar het restaurant voor een biertje en een maaltijd. Dat was even bijkomen. Honderduit hebben we onderwijl gepraat en de belevenissen rolden in een grote stroom, over en weer, over tafel. Na verloop van tijd kwam daar wat meer structuur in en het werd steeds leuker. Vreemd, op 1 mei heb ik deze mensen leren kennen en toen hebben we drie dagen mogen genieten van elkaars gezelschap. Nu gaan we met elkaar om alsof we al jaren een hechte vriendschapsband hebben. Het leven is mooi. ’s Avonds trad er een bandje op in het hotel maar wij zijn, omdat het fris werd buiten, binnen gaan zitten en daar konden we ook beter praten. We bespreken hun plannen om nog naar Sfántu George te varen en zich dan te laten terugslepen. Ik vraag ze om daar heel voorzichtig mee te zijn. Hun boot is van het jaar 1910 (107 jaar) en het zou toch verschrikkelijk zijn wanneer daar nu, op het laatst van hun reis, wat vervelends mee gebeurde. We maken het, door ons enthousiasme, voor ons doen, erg laat. Na elf uur kom ik pas weer bij mijn hotel aan en George, mijn ober, vraagt waar ik toch al die tijd ben geweest. Zodoende heb ik met hem ook nog even een leuk praatje en kan ik mijn belevenissen van deze dag vertellen. Dat is leuk en omdat het inmiddels al na sluitingstijd is wensen we elkaar een goede nacht en gaan we naar bed. Daar slaap ik, na nog wat contact met thuis, dan ook heel snel.

Dinsdag 5 september. Pas om zeven uur word ik wakker. Kennelijk heeft de vermoeidheid van gisteren hier een belangrijke rol in gespeeld. Vandaag gaan we, Connie, Helmut en ik, met Achim (Serghei) naar de Laguna aan de overzijde van de Donau bij Mahmudia. Achim laat ons werkelijk de allermooiste plekjes zien waarvan ik al een deel, Canal Litcov, heb gevaren. In een motorboot met een 60 pk outboard, en snelheden van soms 45 km/uur en meer, zie je toch net even een groter gebied in een kortere tijd dan ik in een kano met 6 km/uur. Onderweg maakt Achim nog een halsketting van een waterlelie voor Connie. We moeten het kunststukje direct ook wel weer weggooien omdat het niet is toegestaan om waterlelies te plukken. Tevens laat hij ons verse waternoten proeven. Die zijn heel gemakkelijk te oogsten en heel smakelijk om te eten. ​

​De structuur laat zich een beetje vergelijken met kokos alleen zachter. De smaak is uniek, heel lekker. In totaal zijn we zo’n drie à vier uur aan het rondvaren met een tussenstop voor een kop koffie in Gorgova aan het Braťul Sulina (Sulina-arm). De Sulina-arm is voor een groot deel gekanaliseerd om grotere schepen een gemakkelijke weg naar de Zwarte Zee te bieden. Niet interessant voor kano – of roeibootvaarders. Dan gaat het weer langs andere meren en kanalen terug naar Mahmudia. We betalen Achim en maken een afspraak voor morgen. Dan varen Connie en Helmut met hun roeiboot naar Sfántu George en komen Achim en ik met de motorboot,

Plan van Achim

Sightseeing via meren en kanalen, ook naar Sfántu George om ze te begeleiden op de Zwarte Zee, foto’s te maken en ze terug te slepen, de Donau op om ze vervolgens terug naar Mahmudia te slepen. Dit wordt nog een hele onderneming die voor Connie en Helmut zeker de gehele dag in beslag zal gaan nemen. Omdat Achim en ik met zijn motorboot varen hebben wij wat minder tijd nodig en vertrekken dus een paar uur later. We gaan bijtijds naar bed en voor de zekerheid zet ik mijn wekker.

Woensdag 6 september. De spullen die ik voor vandaag wil meenemen verpak ik in mijn waterdichte Ortlieb 50 liter zodat alles in elk geval droog blijft. Dan ga ik naar Connie en Helmut om hun boot weer in het water te zetten en ze een goede vaart toe te wensen. Pas dan kan ik naar het restaurant voor mijn ontbijt.

Er groeit een gepaste spanning. Connie en Helmut zijn om kwart voor negen weggevaren. We rekenen dat ze er ongeveer vijf uur over doen om in Sfántu George aan te komen. Achim verwacht, voor de tocht met mij en het cruisen door de kanalen en over de meren, circa drie uur nodig te hebben.

Casa Teo
 

Wij moeten dus om kwart voor twaalf gaan varen. Gisteren heb ik met Achim afgesproken om elf uur dus dat komt goed. Ik ben zo benieuwd of we dit nieuwe project kunnen klaren zoals we bedacht hebben.

Mon Jardin

En dan varen Achim en ik ook weg, voor een tour door de lagune, zo onbeschrijfelijk mooi, dat ik me daar nu ook niet aan ga wagen. Wat een overweldigende natuur en zo immens groot en uitgestrekt. Een aantal uren varen we er doorheen tot we, op 22 km vanaf Sfántu George, weer op de Donau-arm uitkomen. Na een klein stukje daar te hebben gevaren komen we ​

​Connie en Helmut achterop. We hebben even wat gepraat en enige foto’s gemaakt en varen weer verder zodat zij in alle rust hun tocht kunnen afmaken. Er moet dan nog een kilometer of tien worden gevaren voor Sfántu George en daarna nog drie á vier tot aan de Zwarte Zee. Wij gaan eerst benzine tanken bij het bunkerstation in Sfántu George want we hebben onderweg ook de reserve benzine al opgebruikt. Daarna gaan we de Zwarte Zee een klein stukje op. Achim heeft helaas geen vergunning (licentie) om de kustwateren te bevaren.

De zee was nu bijna zo glad als een biljartlaken en de branding verwaarloosbaar. Dit had voor mij de ideale dag geweest om naar Sacalinu te varen. Toen ik daar, nu alweer een week geleden, was, liet de zee me een heel ander beeld zien. Maar je moet het maar nemen zoals je het krijgt.

Toen Connie en Helmut ook op de zandbank aan de Zwarte Zee waren stuurden ze mij een berichtje waarna wij ze daar gingen ophalen. Wij waren in de tussentijd naar de haven gevaren voor de lunch, dus ze hadden tijd genoeg om hun boot en bagage sleepgereed te maken. De sleep ging zoals, de bijzonder ​

​ervaren, Achim had voorspeld. Ik denk dat we met hem misschien wel de beste en meest ervaren schipper hebben getroffen die Mahmudia rijk is. Voor Connie en Helmut is het terugslepen natuurlijk saai. Ze hebben zojuist zes uren dit zelfde traject stroomafwaarts geroeid. Nu in drie uren stroomopwaarts en helemaal niets doen is ronduit vervelend en je vraagt je steeds af: “hebben wij dit echt allemaal geroeid?”. In totaal zijn ze dan ook negen uur op het water deze dag. Bij het aan wal brengen van de boot verliep ook alles vlotjes en we kregen opnieuw hulp van omstanders. Het lijkt wel of deze mensen erop rekenen dat ze iemand ergens mee kunnen helpen, zo leuk!

Toen we de boot weer op de parkeerplaats van hun hotel hadden gebracht zijn we lekker gaan douchen en verkleden voor het avondeten in mijn hotel, Casa Teo, omdat dat voor het eten en de bediening vele malen beter is dan hotel Mon Jardin. En laten we het nu nog zo treffen dat er vandaag een verse Somn (meerval) is gevangen die, drie uur voordat wij hem op ons bord hadden nog vrolijk (of misschien ook wel chagrijnig) rondzwom in de Donau. Heerlijk was dit gerecht en, met een prachtige huisgemaakte tomatensaus, een tongstrelende combinatie. De tiramisu maakte de maaltijd af. Wij hebben er ten volle van genoten. Deze dag heeft ons allemaal afgemat waardoor we voldaan gaan slapen.

Donderdag 7 september. Na het ontbijt gaan we gedrieën naar het ponton van de veerboot die vandaag met de TID-deelnemers naar Tulcea onderweg zal zijn. De begroeting is allerhartelijkst en Connie en Helmut genieten daar zichtbaar van. Voor mij is het ook weer een leuke belevenis. Ik spreek ook nog een paar deelnemers en dat is gezellig al duurt het niet lang voor de veerboot alweer doorvaart. Op het allerlaatste moment krijgen Connie en Helmut ook nog een TID-oorkonde en daar zijn ze helemaal verrukt over. leuk! Ik heb wat foto’s van ze gemaakt die het gevoel misschien nog beter laten zien. Terug van de veerboot lopen we naar mijn hotel waar we een paar cappuccino en een glas speciale Casa Teo appelsap drinken. Tegen twaalf uur besluiten we dat we nog geen trek hebben in de lunch dus spreken we af om circa twee uur. Tussentijds brengen we onze spullen in gereedheid voor het transport van morgen. Voor de zekerheid inspecteer ik mijn kano op eventuele natte of klamme spullen zoals m’n tent en m’n slaapmat. Die heb ik nog even, door en door, droog laten worden en weer ingepakt.

Disappointment

En dan komt het teleurstellend bericht van de expediteur.De vrachtwagen die hij gestuurd heeft heeft pech en de vervangende komt zondag morgen pas aan in Mahmudia. Als een bom valt dit bericht uit mijn telefoon zo in mijn kop.

2 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s